Reanimeren: van dravend paard naar zwoele kus

Een stoere strandwacht komt uit het water met een drenkelinge in zijn armen. Hij legt haar zacht neer, waarschuwt omstanders en geeft zijn collega’s een seintje dat ze hulp moeten sturen. Hij controleert haar bewustzijn en ademhaling. Zo te zien zit er geen leven meer in . Resoluut begint hij met ineengestrengelde vingers op haar borst te drukken. Dat herhaalt hij een vast aantal keren. Dan tilt hij voorzichtig haar kin naar voren, kantelt haar hoofd een beetje en begint hij met beademen. Terwijl zijn collega-strandwachten aan komen rennen, begint ze te hoesten en spuugt ze een straal water in het zand. She’s back!
Reanimeren en beademen. We hebben het allemaal talloze keren gezien in Baywatch, Grey’s anatomy en andere tv-series. Het is nu de standaardmanier om mensen met een hartstilstand tot leven te wekken. Maar vroeger ging het er heel, heel anders aan toe.

In het oude Egypte (13e eeuw v.Chr) werden schijndode drenkelingen aan de voeten opgehangen en op de maag gedrukt. Farao Ramses II werd zo gered, zo schijnt het. Of neem de Bijbelse methode. De profeet Elias (omstreeks 850 v Chr) wekte een jongen tot leven door ‘op hem te gaan liggen, met zijn mond op zijn mond, zijn ogen op zijn ogen en zijn handen op zijn handen.’ De jongen niesde zeven maal en keerde terug in het land der levenden. Ten tijden van de oude Grieken was de verwarmingsmethode populair, onder invloed van de wijsgeer Hippocrates. Het slachtoffer werd ingesloten door twee naakte lichamen, en er werd en passant nog gloeiende olie, pek of kolen op het slachtoffer gedruppeld. Na de middeleeuwen volgde de blaasbalgmethode (lucht in de longen blazen met blaasbalg), de rookmethode (tabaksrook blazen in gezicht, mond en anus van slachtoffer) en de onderstebovenmethode (slachtoffer werd ondersteboven aan een boom gehangen en op en neer gehesen). Na die tijd volgden er vele methodes die allemaal tot doel hadden lucht in of uit het slachtoffer te krijgen door middel van drukcompressie. Dat deed men bijvoorbeeld met dravende paarden, door met een ton op het slachtoffer te drukken, of door het slachtoffer heen en weer te rollen. In de jaren dertig van deze eeuw was de Hoger Nielsen-methode in zwang, een van de voorlopers van de huidige manier van reanimeren. Het slachtoffer lag op zijn buik. Vervolgens werd er druk op de rug gezet en daarna werden de armen bij de elleboog naar voren getrokken. In de jaren 50, 60, 70 en 80 evolueerde deze methode tot degene die we nu kennen. De strandwachtmethode, noem ik hem maar.

Is toch aanmerkelijk prettiger als slachtoffer. Je ligt lekker op je rug en ziet de welgevormde lippen van die sexy strandwacht op je af komen. Hij/zij geeft je de’ kiss of life’, en jullie leven nog lang en gelukkig. Geen schrammetje of blauwe plek te herkennen. Das toch beter dan met gloeiende olie overgoten worden lijkt me. Of levenslang hinken, omdat je van een dravend paard bent gevallen…

door Rianne Wijnhoven